CLUBGESCHIEDENIS


Onze club is opgericht in 1979 door een paar enthousiaste vrienden. Bijna 50 jaar later zijn we nog meer dan springlevend. Momenteel telt onze club een 30-tal leden tussen 18 en 90 jaar, waarvan een 15-tal de zaak levendig en in de belangstelling houden.


Onze clubnaam "De Geit" is niet zomaar ontstaan.

De Geit was de naam van een stoomlocomotief type 51 die in het Lierse het rangeerwerk voor zijn rekening nam. Gezien de Lierenaars SCHAPENKOPPEN genoemd worden en daar een geit en een schaap familie zijn van elkaar, was de naam snel gekozen.


Dat we met Lier verweven blijven bewijzen onze locaties.

Wij waren eerst gehuisvest in het cultureel centrum "Den Bril", prachtig gelegen in het centrum van Lier op een paar minuten van de Grote Markt. Den Bril is een geklasseerd gebouw uit de 18e eeuw dat in zijn rijke geschiedenis tal van bestemmingen heeft gehad. Daar beschikten wij over een zolder op de 2e verdieping.



Midden 2019 zijn we verhuisd naar Koningshooikt, naar een bijgebouw van het parochiecentrum "Koningshof". Na een grondige verbouwing van het oud chirolokaal van "chiro het Jutje" beschikken we nu over een groot gelijkvloers lokaal gelegen aan de Eikenboslaan 19 te Koningshooikt.


Wereldberoemd in Lier en omstreken zijn we zeker met ons stoomtreintje op de sportvelden tijdens Lier Feest.


Eveneens bekend is onze jaarlijkse ruil- en boekenbeurs, waar nog steeds een grote belangstelling voor is.


We organiseren regelmatig lezingen over spoorwegen en spoorweggeschiedenis.


Kortom, we zijn een levendige, gezellige, familiale club van en voor treinfanaten. Wil je er meer over weten? Wil je iets bijleren over modelbouw zoals het maken van landschappen of van huisjes (getekend met de computer voor de lasercutter), elektronica en het programmeren van de spoorbanen ... ?

Bekijk onze agenda op de website, of beter nog, breng ons een bezoekje en bekijk onze treinbanen in werking.


We zijn trouwens steeds op zoek naar nieuwe leden om mee te werken aan de opbouw van onze treinbanen.


(naar een tekst van Walter Hoedemaekers en Tom De Groof)